Laat me

Laat me

Laat me (column uit 2016)

Leed valt niet te vergelijken,  wel hoe mensen ermee omgaan.

 

Het indrukwekkende van Liesbeth List – lees vooral dit interview in Volkskrantmagazine – is dat ze haar levensgeschiedenis, getekend door oorlog en mishandeling, erkent als bizar en wreed, maar dat ze de regie over haar leven op een positieve manier in de hand heeft genomen en die nooit meer heeft losgelaten: ‘Met negatieve mensen bemoei ik me niet’.

 

Dat wordt hem voor mij voor 2017, bij deze. Met uiteraard de toevoeging dat ik er streng op toe zal zien niet zélf een negatief mens te zijn.

 

Je ziet wel eens anders.

Er zijn mensen met een rot jeugd die niet achteromkijken, niet willen wijzen naar schuldige ouders en niks te maken willen hebben met therapie.

Best knap, best flink.

 

Toch zijn dit vaak mensen die in mijn ogen wat minder makkelijk in de omgang zijn.

De uitgespaarde rekening voor gesprekstherapie wordt alsnog gepresenteerd, maar dan aan de omgeving.

Het boze binnenleven wordt aan de buitenkant gepolitiseerd. Elk gesprek is vermoeiend, koetjes en kalfjes bestaan niet.

 

Geef mij Liesbeth List maar.

 

Want met aardige mensen bemoeit ze zich uitdrukkelijk wél, ook al zijn ze gigantisch aan de fles.

De hartstochtelijk levende, kwetsbare Ramses Shaffy, haar vriend voor het leven, betaalde de prijs voor zijn verslavende medicijn tegen levenspijn: hij ontwikkelde Korsakov.

Ze greep zorgzaam en liefdevol in, ook al zong hij tot op het laatst overtuigend mooi Laat me .

 

Shaffy en List laten zien hoe aardig mensen kunnen zijn voor elkaar, ook al heb je het als kind niet echt getroffen.

Sommigen onder hen leven niet per definitie gezond, maar ze durven wel hun pijn en kwetsbaarheid te laten zien.

 

Eigenlijk vind ik dat ook flink.

 

Struikelen

Struikelen

Struikelen (column uit 2016)

Het is een rustige zondagochtend. Ik laat onze Bobby uit en als ik de hoek van een zijstraat nader, zie ik Julius, met zijn baasje aan de lijn.

Baasje combineert uitlaten met joggen, maar dat heeft hij niet eerst aan Julius uitgelegd.

Die trekt zijn eigen pad: de lijn wikkelt zich rond een antiparkeerpaaltje en baasje jogt verder en ik ben heel benieuwd hoe dit gaat aflopen.

‘Oeoeoeoe….pssss’, zegt het baasje, maar hij houdt zich na enkele bloedstollend spannende struikelpassen toch lachend overeind.

 

We praten even, want dat doen baasjes terwijl hun hondjes geduldig wachten.

‘Jij hebt tenminste een échte hond’, zegt hij over ons middelgrote cockertje, toch niet echt een stoere mannenhond.

Maar als ik naar zijn kleine witte caesarhondje kijk, snap ik wel wat hij bedoelt. ‘Het is de keus van de kinderen, maar anders…’.

 

We keuvelen nog even door en op het laatst vraag ik terloops ‘Maar hoe gaat het verder, buurman?’, want hij is net gescheiden, las ik in de krant.

‘Ja hoor, gaat wel goed’, zegt hij en uit zijn lichaamstaal maak ik op dat hij de belangstelling wel waardeert maar er verder niet over wil praten.

 

We zijn inmiddels verhuisd.

Maar nu is hij in zijn onbesuisdheid weer gestruikeld, las ik in de krant.

Doordat de lijn van onze electorale democratie zich om een verkiezingspaaltje wikkelde kwam hij abrupt tot stilstand.

 

Een drama – zoals dat in de media natuurlijk weer genoemd wordt- vind ik het niet.

Hij komt wel weer op zijn pootjes terecht, bijvoorbeeld in de sector alternatieve energie en duurzaamheid.

 

Maar ‘alles geven’, zoals hij bij zijn afscheid zei dat hij gedaan had, zou ik niet meer doen.

Is niet duurzaam en er zijn vast wel alternatieven.